Samenlevingsopbouw

From gentCommonsWiki
Jump to: navigation, search

= "komt op voor het recht op een menswaardig leven voor mensen in maatschappelijk kwetsbare posities".

URL = http://www.samenlevingsopbouwgent.be/

Een organisatie die sociale commons ondersteunt.


Beschrijving

"Samenlevingsopbouw Gent | investeert in de kracht van mensen – zet politici aan tot sociaal beleid

Iedereen heeft recht op een goeie job, op sociale bescherming, behoorlijke huisvesting, een gezond leefmilieu, cultuur en ontspanning. Zo staat het in de Belgische Grondwet. In onze samenleving zijn er echter mensen voor wie deze grondrechten dode letter blijven. Zij worden op het tweede plan geschoven door maatschappelijke mechanismen die uitsluiting en achterstelling veroorzaken en in stand houden.

Samenlevingsopbouw Gent komt op voor het recht op een menswaardig leven voor mensen in maatschappelijk kwetsbare posities: mensen in armoede, sociale huurders, thuislozen, alleenstaanden, mensen zonder wettig verblijf, laaggeschoolde langdurig werklozen …

Samenlevingsopbouw Gent wil deze mensen opnieuw greep laten krijgen op hun leven en hun omgeving. Door hen actief te betrekken bij activiteiten en samen met hen aan de slag te gaan in projecten, willen we politici er toe aan zetten om uitdrukkelijk te kiezen voor armoedebestrijding, solidariteit en herverdeling; omdat iedereen wint bij sociaal beleid.

Samenlevingsopbouw Gent zal tussen 2016-2020 werken aan deze fundamentele mensenrechten: recht op wonen, recht op arbeid en recht op maatschappelijke dienstverlening."


Projecten

"Samen met verschillende partners geeft Samenlevingsopbouw Gent o.a. vorm aan de volgende projecten:

- CLT Gent - De Site in het Rabot - De Sociale Kruidenier - De Lege Portemonnees - Het Gents Netwerk van Sociale Huurders - Met weinig geld overleven in Gent - UiTpunt op Wieltjes - Rabot op je Bord .

Discussie

De filosofie van Samenlevingsopbouw

Gerard Hautekeur:

"Het gebrek aan goede en betaalbare publieke goederen en diensten en het feit dat de privatisering van de diensten de beloften niet heeft ingelost, ziet ze als de belangrijkste verklaring voor de herontdekking van de collectieve aanpak. Mensen verbinden zich in samenwerkingsverbanden om zelf in bepaalde lokale noden te voorzien. De denktank Oikos, die samen met De Moor een onderzoek deed naar de burgerinitiatieven in Vlaanderen en Brussel, wijst op een spectaculaire stijging sinds 2008. De meest voorkomende initiatieven hebben met voeding te maken, zoals voedselteams. Ze zetten in op de transitie naar minder olieconsumptie en maken deel uit van LETS om goederen en diensten te ruilen. Het gaat om projecten op langere termijn, opgestart en aangestuurd door burgers.

Binnen organisaties die met maatschappelijk kwetsbare groepen werken, heerst evenwel scepsis over de alternatieve economische initiatieven, gaande van deeleconomie tot coöperatieve economie. Ze wijzen erop dat de klassieke stadslandbouw en voedselteams meestal niet toe- gankelijk zijn voor kwetsbare groepen omdat ze zijn gericht op huishoudens uit de middenklasse. Dezelfde reserves uiten ze ten aanzien van alternatieve muntsystemen, consumentenplatformen, autodelen en diverse vormen van ruil- of deeleconomie. Is en blijft dit een louter middenklasseverhaal waar maatschappelijk kwetsbare groepen weinig baat bij hebben, laat staan dat ze er actief aan participeren, vragen welzijns- en opbouwwerkers zich af.

Vanuit de samenlevingsopbouw is de interesse voor economie niet nieuw. Eind jaren negentig stond de sector aan de wieg van de buurtdiensten met drie pilootprojecten in het kader van het Europese programma New Opportunities for Women (NOW). De creatie van die nieuwe voorzieningen in de buurt (zoals kinderopvang, groenonderhoud of sociaal restaurant) noemde men buurtdiensten en niet buurteconomie. Nochtans hadden de zogenoemde buurtdiensten in de jaren tachtig en negentig alles te maken met buurteconomie. Ze probeerden met beperkte middelen een maatschappelijke nood in te vullen om maximale resultaten te bereiken.

De doelstelling om de capaciteiten en talenten van werkzoekenden te matchen met de noden in de buurt, blijft zeer relevant in de zoektocht naar hefbomen voor achtergestelde wijken.

Na de intense werking met buurtdiensten kwamen de thema’s arbeid en economie minder aan bod in de projecten van Samenlevingsopbouw.

In 2014 ging ik aan de slag met een verkennende studie in opdracht van (mijn werkgever) samenlevingsopbouw Vlaanderen. Dat is het ondersteuningsinstituut voor de samenlevingsopbouw in Vlaanderen en Brussel. Als werktitel koos ik Economische ruimte voor maatschappelijk kwetsbare groepen. Het betreft vormen van sociaal en coöperatief ondernemen die prioriteit geven aan maatschappelijk kwetsbare groepen en waarin zij zelf een actieve rol spelen.

Tijdens de vele interviews werd ik positief verrast door de nieuwe, baanbrekende initiatieven in het opbouwwerk en buurtwerk, alsook door de vele andere innovatieve praktijken in de sociale en coöperatieve economie. Voor de duiding van die praktijken kon ik terugvallen op interessante literatuur. Ik ging ook te rade bij een aantal bevoorrechte getuigen en experts. Dit boek (Van Cohousing tot Volkstuin) is het resultaat van die boeiende en inspirerende verkenning over de economische ruimte voor kwetsbare groepen.

Bij de uitwerking van die verkenning geef ik gehoor aan de oproep van Dirk Barrez dat het tijd is om te (her)ontdekken hoe voordelig het voor sociale bewegingen is als ze zelf over een economische poot beschikken. We moeten daarbij ook oog krijgen voor de kracht van het coöperatief ondernemen, dat niet alleen financiële winst centraal stelt, maar die winst benut om doelstellingen zoals zinvol werk, de creatie van welvaart, ecologische duurzaamheid, welzijn en solidariteit te verwezenlijken. Het zijn net de sociale bewegingen met een eigen economisch project die het meest succesvol zijn in het forceren van de noodzakelijke maatschappelijke veranderingen. Ik volg Tine De Moor als ze zegt dat je behoorlijk veel kennis, lef en kapitaal nodig hebt om een coöperatie op te starten. Uitgerekend de hoger opgeleiden beschikken daarover, maar volgens haar zouden juist de lagere inkomensgroepen veel baat kunnen hebben bij samenwerkingsverbanden die zelfbeschikking vooropstellen.

Ik vind dat we ons als middenveldorganisaties daarom juist sterker moeten focussen op alternatieve economische modellen en daarbij uitgaan van het perspectief en de kansen voor maatschappelijk kwetsbare groepen."

Bron: uit het boek, Van Cohousing tot Volkstuin.